Published on 25 September 2021 |

Version 1.0

Bureauonderzoek Archeologie Plangebied Oud Woeziksestraat 5 en 7 te Wijchen Gemeente Wijchen

View Dataset
E.E.A. van der Kuijl

Description

<p>Conclusie<br>Op grond van de resultaten van het bureauonderzoek kan geconcludeerd worden dat het plangebied een hoge trefkans heeft op archeologische resten uit de periode van het Paleolithicum tot en met de Nieuwe Tijd. De trefkans op resten uit de Tweede Wereldoorlog is laag.</p><p>De onderzoeksvragen uit Hoofdstuk 1 kunnen als volgt beantwoord worden:<br>• Wat is de bodemopbouw en de vermoedelijke intactheid van het bodemprofiel binnen het plangebied? <br>Er is in het noordelijk deel van het plangebied een poldervaaggrond ontwikkeld met komafzettingen van de Formatie van Echteld. De top van het onderliggende rivierterras en daarmee het archeologisch relevante niveau, bevindt zich op een diepte van 1,75 m-mv. Door bebouwing (een messtal uit 1976) is de bodem verstoord geraakt tot een diepte van tenminste 1,65 m-mv. Door agrarische bewerking en erfinrichting is de bodem buiten de bebouwing verstoord geraakt tussen de 30-50 cm-mv.</p><p>In het zuidelijk deel van het plangebied achten wij het meest waarschijnlijk dat, ondanks het verschil in grens tussen de geomorfologische en de bodemkaart, er een duinvaaggrond aanwezig is, met in de ondergrond een oud rivierduin. De top van het rivierduin bevindt zich relatief dicht onder de oppervlakte vanaf 20 cm-mv. Door bebouwing (een meststal uit 1984) is de bodem verstoord geraakt op dieptes variërend van 0,45 m-mv tot 2,70 m-mv. Door agrarische bewerking en erfinrichting is de bodem buiten de bebouwing verstoord geraakt tussen de 30-50 cm-mv. Er bestaat een kleine kans dat de bodem in het zuidelijk deel, op basis van de begrenzing op de geomorfologische kaart, bestaat uit een poldervaaggrond met komafzettingen van de Formatie van Echteld. De top van het onderliggende rivierterras en daarmee het archeologisch relevante niveau, bevindt zich dan conform de situatie in het noordelijk deel op een diepte van ca. 1,75 m-mv. Om de exacte begrenzing van de komafzettingen en het rivierduin te kunnen bepalen is aanvullend bodemonderzoek noodzakelijk.</p><p>• Kunnen er archeologische vindplaatsen in het onderzoeksgebied aanwezig zijn en zo ja welke en waar (welke diepte) en in welke vorm?<br>Binnen het bouwvlak van de nieuwe noordelijk gelegen woning kunnen nog archeologisch niveaus aanwezig zijn in de top van het rivierduin op een diepte van 1,75 m-mv. Indien het bouwcunet voor de nieuwe woning binnen de bestaande verstoringsdiepte van 1,65 m-mv gerealiseerd wordt, dan zullen naar verwachting geen archeologische vindplaatsen worden verstoord. Bij diepere bodemingrepen kunnen nog wel archeologische vindplaatsen worden verstoord.</p><p>Meest waarschijnlijk is dat binnen het bouwvlak van de nieuwe zuidelijk gelegen woning geen intacte archeologisch niveaus meer te verwachten zijn door de bestaande bodemverstoring die is opgetreden door de bouw van de meststal in 1984. De top van het archeologisch relevante niveau, het rivierduin, bevindt zich hier dicht aan het oorspronkelijke maaiveld. Er bestaat een geringe kans, dat als de bodem een poldervaaggrond met terrasvlakte is, er binnen het bouwvlak van de nieuwe zuidelijk gelegen woning ondanks de verstoring nog archeologisch niveaus aanwezig zijn in de top van het rivierduin op een diepte van 1,75 m-mv. In dat geval geldt dat indien het bouwcunet voor de nieuwe woning binnen de bestaande verstoringsdiepte van 1,65 m-mv gerealiseerd wordt, er verder geen archeologische vindplaatsen worden verstoord. Bij diepere bodemingrepen kunnen nog wel archeologische vindplaatsen worden verstoord. Om de exacte begrenzing van de komafzettingen en het rivierduin te kunnen bepalen is echter aanvullend bodemonderzoek noodzakelijk.</p><p>Selectieadvies<br>Op basis van de onderzoeksresultaten adviseren wij om de bouwkavel voor de zuidelijke woning bodemonderzoek te verrichten, om de exacte bodemopbouw te kunnen bepalen en te controleren of er komafzettingen of een rivierduin in de ondergrond aanwezig is. Indien er een duinvaaggrondrivierduin aanwezig is, kan de bouwkavel daarna vrij worden gegeven zonder verder vervolgonderzoek. Indien er een poldervaaggrond-terrasvlakte aanwezig is adviseren wij om de bodemingrepen te beperken tot een maximale diepte van 1,65 m-mv. Indien diepere bodemingrepen niet uitgesloten worden, dan adviseren wij om na de sloop van de meststal controleboringen uit te voeren, om de aanwezigheid van eventuele archeologische niveaus te controleren.</p><p>Voor de bouwkavel van de noordelijke woning adviseren wij om de bodemingrepen te beperken tot een maximale diepte van 1,65 m-mv. Indien diepere bodemingrepen niet uitgesloten worden, dan adviseren wij om na de sloop van de meststal controleboringen uit te voeren, om de aanwezigheid van eventuele archeologische niveaus te controleren. Tevens adviseren wij om de sloop van de aanwezige bebouwing met beleid en niet dieper dan strikt noodzakelijk uit te voeren, om verdere schade aan het bodemarchief te voorkomen.</p><p>Voorbehoud<br>Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen. </p><p>De resultaten en aanbevelingen uit deze rapportage dienen te worden getoetst en onderschreven door het bevoegd gezag, de Gemeente Wijchen (mevr. E. van der Linden) voordat met vergunningplichtige activiteiten kan worden gestart. Wij wijzen erop dat het selectiebesluit van gemeente Wijchen af kan wijken van het selectieadvies van Hamaland Advies.</p><p>Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (Erfgoedwet 1-7-2016, art. 5.10 en 5.11) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: “Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister”. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort en de verantwoordelijke ambtenaar van de gemeente Wijchen (mw. E. van der Linden).</p>

Citations (0)

Mentions (0)

Metrics

Dataset Index

2.0

FAIR Score

92%

Citations

0

Mentions

0

Metrics Over Time

Publication Details

DOI

Publisher

DANS Data Station Archaeology

Assigned Domain

Subfield

Immunology

Field

Immunology and Microbiology

Domain

Life Sciences

Confidence Score

47%

Source

Scholar Data Model

Keywords

Arts and Humanities

Normalization Factors

FT

15.38

CTw

1.00

MTw

1.00