Archeologisch bureauonderzoek & Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase Admiraalsplein, Dordrecht Gemeente Dordrecht
Description
IDDS Archeologie heeft in januari 2024 een archeologisch bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek (IVO), verkennende fase, uitgevoerd aan het Admiraalsplein in Dordrecht, gemeente Dordrecht. De doel- en vraagstelling van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Met het inventariserend veldonderzoek wordt deze verwachting getoetst en zo nodig aangevuld. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied is gelegen in een landschap dat is overstroomd tijdens de St. Elisabethsvloed in 1421. Na het inpolderen in 1659 is het gebied in gebruik geweest als akker tot de aanleg van een (flat)gebouw in de jaren 60 van de 20e eeuw. De combinatie van deze elementen maakt dat er een lage verwachting is voor resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd in de top van het Merwedepakket. Enige resten die verwacht mogen worden hebben voornamelijk betrekking op de inrichting van het agrarische landschap, zoals sloten. Ondiepere sporen zijn vermoedelijk verdwenen in de 20e en 21e eeuw.Onder het Merwedepakket zou het mogelijk kunnen zijn om resten van vóór de St. Elisabethsvloed aan te treffen. De aanwezigheid van enkele stroomruggen in de omgeving van het plangebied geeft een relatief hoge verwachting ter plaatse van het plangebied, ten opzichte van gebieden die midden in het veengebied liggen. Direct ten zuiden van het plangebied ligt de Brakel Verlengd, die actief was van 5400 tot 3750 voor Chr. In het zuiden van het plangebied kunnen eventuele oeverwallen voorkomen. Hierop is het mogelijk om resten vanaf het Laat Mesolithicum aan te treffen. Na de veengroei zal de relatieve hogere ligging van de stroomrug ook een interessante locatie zijn geweest voor bewoning en andere menselijke activiteiten. Of dat ook voor het plangebied geldt, of dat de oeverwallen en latere stroomrug uitsluitend ten zuiden van het plangebied aanwezig was, zal nog moeten blijken. Verder ligt het plangebied in het komgebied van de Gedempte Devel, die het veenpakket zal hebben bedekt met overstromingsafzettingen in de Midden Bronstijd tot en met de Late Middeleeuwen en de Dubbel, die vanaf de 1e eeuw na Chr. tot de afdamming eind 11e eeuw invloed had over het gebied. Het zal niet mogelijk zijn de afzettingen van de Gedempte Devel en de Dubbel te onderscheiden. In en op deze afzettingen is het mogelijk om archeologische resten aan te treffen. De hoogste verwachting geldt voor de kleilaag tussen de top van het veen en de afzettingen van de St. Elisabethsvloed. Vermoedelijk was het gebied tijdens de veenvorming, die vermoedelijk in de Bronstijd startte, nog te nat. De top van het veen bevindt zich op circa -3,0 m NAP / 3,0 m -mv en de kleilaag van vóór 1421 is vermoedelijk maar 10 cm dik.Het veldwerk heeft uitgewezen dat er binnen de onderzoeksdiepte geen sprake is van een stroomrug. De verwachting voor resten uit de prehistorie komt daarmee te vervallen. De top van het veen en de bovenliggende kleilaag zijn geërodeerd met de St. Elisabethsvloed in 1421, waardoor alle resten van voor 1421 zijn verdwenen. De top van de overstromingsafzettingen is in het merendeel van het plangebied verdwenen. Alleen in het noorden en uiterste oosten, bij de voormalige bebouwing vandaan, zijn nog restanten van de voormalige bouwvoor aangetroffen. Voor deze bouwvoor geldt een lage verwachting omdat het gebied uitsluitend agrarisch was tot het bouwrijp maken in de jaren 60 van de 20e eeuw. IDDS Archeologie adviseert om het plangebied, voor wat betreft het aspect archeologie, vrij te geven voor de voorgenomen herontwikkeling.
Citations (0)
No citations found
Mentions (0)
No mentions found
Metrics Over Time
Publication Details
DOI
Publisher
DANS Data Station Archaeology
Subfield
Immunology
Field
Immunology and Microbiology
Domain
Life Sciences
Confidence Score
47%
Source
Scholar Data Model